ANWB waarschuwt e-rijder: laden in buitenland vaak duurder

Vakantiegangers met een elektrische auto doen er goed aan deze zomer alert te zijn op onverwacht hoge laadkosten bij langzame laders, waarschuwt ANWB. Vooral laadpunten bij hotels, restaurants en vakantieparken kunnen voor een forse rekening zorgen.
De hoge kosten komen meestal niet door de stroomprijs zelf, maar door het zogenoemde blokkeertarief: een tijdsgebonden toeslag die wordt berekend zodra een auto te lang aan de laadpaal blijft hangen. Soms geldt dit tarief direct, maar vaak pas na een paar uur, bijvoorbeeld na drie uur.
Het blokkeertarief moet zogenoemd ‘laadpaalkleven’ voorkomen. Omdat er vaak geen maximum aan verbonden is, kunnen de kosten snel oplopen als een auto langdurig aangesloten blijft. De ANWB geeft als voorbeeld een Nederlandse vakantieganger die zijn elektrische auto in Italië om 15.00 uur aan een publieke laadpaal staan en koppelde deze de volgende ochtend om 09.30 uur los. De rekening bedroeg 230 euro.
De ANWB adviseert reizigers daarom altijd via de app van hun laadpasaanbieder te controleren of zo’n blokkeertarief geldt. “Wie zijn auto op tijd afkoppelt, voorkomt niet alleen een onaangename verrassing, maar houdt ook rekening met andere elektrische rijders.”
Gemiddelde stroomprijs
De gemiddelde stroomprijs per kilowattuur verschilt flink per Europees land. Oostenrijk is het duurst met gemiddeld 0,99 euro per kWh, gevolgd door Zwitserland (0,88 euro), Duitsland (0,84 euro) en Italië (0,80 euro). In Nederland variëren de tarieven voor openbare laadpalen, van ongeveer 0,30 tot 0,75 euro per kWh, afhankelijk van de aanbieder.
Lees ook:




