Onderzoek: ‘tankshop tot acht keer duurder dan supermarkt’

Een onderzoek van de krant Het Nieuwsblad legt bloot hoe groot het prijsverschil tussen een supermarkt en een tankshop is. In sommige gevallen bleek het om een factor acht te gaan. Experts vinden die conclusie niet verrassend.
Nu de vakantie is begonnen, met zijn lange ritten richting Zuiden, ging Het Nieuwsblad na hoeveel die drukbezochte stops langs de snelwegen nu eigenlijk aanrekenen. Op basis van bezoeken aan vier stations – Drongen, Wetteren, Groot-Bijgaarden en Wanlin – stelden ze vast dat producten daar vaak prijzig zijn. De journalist vergeleek een korf producten die daar te koop waren met wat een supermarkt voor dezelfde waren vraagt, en kwam tot een eindsom die gemiddeld 3,5 keer duurder uitviel bij een tankshop. In het geval van een Snickers kwam een Albert Heijnwinkel zelfs acht keer goedkoper uit.
Waarom dat zo is? Experts kijken er niet van op. In het komende augustusmagazine van Mobility Energy, dat als thema ‘Shop/Foodcourt’ heeft stelt professor Els Breugelmans van K.U. Leuven dat de klant nu eenmaal bereid is om zoveel te betalen. “Het zijn dan ook gemakswinkels”, zegt ze: “ofwel wil je er iets snel kopen omdat je toch moest stoppen om te tanken, ofwel omdat je onderweg bent en snel iets wil eten of drinken. Het past in de zoektocht van de mens om zich het leven gemakkelijker te maken.”
Captive market
Ook retail-expert Gino Van Ossel (Vlerick Business School) is in de krant niet verbaasd. “Het is een captive market”, zegt hij. “Je zit er als klant min of meer in opgesloten.” En hij trekt de vergelijking met festivals en pretparken waar je ook niet anders kunt dan de dure prijzen van de enige aanbieders accepteren. “Er ontstaat op die plekken een tijdelijk monopolie”, concludeert hij.
Van Ossel wijst daarnaast ook op de hoge uitbatingskosten van een tankstation. Er zijn niet alleen de concessie die aan de overheid moet worden betaald, ook de loonkosten zijn door de brede openingsuren niet te onderschatten.
Lees ook:




